Teams nemen een organisatie over. Vijf jaar. Elke beslissing telt.
The Management Challenge is een simulatie waarin deelnemers in teams een organisatie besturen en die tot vijf jaar lang draaiende houden. Ze kiezen een strategie, verdelen hun budget en vangen crises op. Elke keuze heeft gevolgen, soms meteen en soms pas een paar kwartalen later. Op die manier ontdekken ze hoe een organisatie als geheel werkt. Niet uit een boek, maar door het zelf te doen.
Docenten, trainers en consultants zetten het in bij hun eigen groep. Het draait sinds 1997 en werkt voor groepen van 4 tot 100+ deelnemers.
Je ziet het spel live draaien. Geen verplichting.
Ingezet door onderwijs, overheid en bedrijfsleven
Sinds 1997 gebruiken hogescholen, universiteiten, overheidsorganisaties en adviesbureaus de simulatie. Ruim honderd organisaties, meer dan tienduizend deelnemers.
"Met The Management Challenge krijgen studenten gevoel voor de impact van maatregelen op de prestaties van een organisatie. Bedrijfskunde begint betekenis te krijgen."Marcel van Marrewijk, directeur SDO Hogeschool
"Studenten zitten zelf op de stoel van het management en maken de strategische afwegingen. Dat helpt ze om het totale plaatje te begrijpen. Voor een docent is het heel makkelijk te faciliteren."Hidde de Jong, Saxion Hogeschool
"In ons traineeship leren de deelnemers de complexiteit van managementwerk te doorgronden. Wat ze in de simulatie ervaren, nemen ze direct mee naar hun werk bij hun onderwijsorganisatie."Sanne van der Spoel, directeur Bursar Society
Waar het vandaan komt
In de jaren negentig ontwierp kwaliteitsmanager Willem Jan van der Veldt, senior auditor voor INK en EFQM, binnen zijn eigen organisatie een simulatiespel. Hij wilde managers écht laten begrijpen hoe kwaliteit ontstaat, in plaats van het ze te vertellen. Uit dat spel groeide The Management Challenge, dat in 1997 een zelfstandig product werd.
Edwin de Vos raakte in 2005 betrokken en bouwde de eerste online versie. Tot dan draaide het spel in een spreadsheet op de laptop van Willem Jan. In 2011 droeg Willem Jan het spel over aan Edwin, Cees Hoogendijk en Remco Liefting, zodat het na zijn pensioen door zou gaan. Sinds 2026 is Edwin enig eigenaar.
Het spel groeide al die jaren mee, van spreadsheet naar browser naar het huidige online platform. Ook de maatregelen bewegen mee met de tijd. Inmiddels horen AI-strategie, duurzaamheid en DEI er net zo bij als de klassiekers. Wat nooit veranderde, is de kern: het INK-managementmodel en leren door het zelf te doen.
Hoe het werkt
Deelnemers werken in teams van vier tot zeven personen. Elk team krijgt een organisatie in handen met de opdracht die naar een hoger niveau te brengen en gezond achter te laten voor wie er na hen komt. Je kunt teams laten opbouwen vanaf jaar één, of ze een lopende organisatie geven in jaar twee of drie. Dat laatste kost minder tijd en is even leerzaam.
Elk kwartaal heeft een team tien energiepunten om in de online spelomgeving te verdelen over bijna honderd maatregelen. Investeren in de mensen, of eerst de processen op orde? Nu inzetten op groei, of nog even wachten? Elke keuze kost energie en levert iets op, soms pas een paar kwartalen later. En af en toe gooit een crisis het plan overhoop, precies zoals in het echt.
Na elk kwartaal krijgt het team een volledig rapport terug over wat goed ging, wat vastliep en waar de gevolgen van eerdere keuzes zichtbaar worden. Naarmate de organisatie volwassener wordt, zien teams steeds meer van wat er onder de motorkap gebeurt.
Waarom teams er iets van onthouden
Waar een casus op papier je erover laat lezen, laat de simulatie je de consequentie voelen. Een team dat kwartaal na kwartaal op de kosten stuurt en de mensen vergeet, merkt vanzelf wat dat doet. Niemand hoeft dat uit te leggen, want het staat gewoon in hun eigen rapport.
Dat maakt het ook een veilige plek om te falen. Een team kan hier failliet gaan zonder dat het iemand een baan of een budget kost. Het kost een kwartaal en een les, en juist daardoor blijft het hangen.
En het gaat nooit alleen over de cijfers. De simulatie kijkt naar de hele organisatie, van leiderschap en strategie tot medewerkers, klanten en de omgeving eromheen. Het “organisatieoog” laat in één beeld zien hoe de organisatie er op al die negen gebieden tegelijk voor staat, in kleur. Zo gaan teams de samenhang zien en merken ze dat sturen op één ding ergens anders iets kapot kan maken.
Onder die samenhang ligt het INK-managementmodel, voortgekomen uit het Europese EFQM-model en in Nederland verder ontwikkeld. Organisaties gebruiken het al decennia om langs al die gebieden tegelijk naar zichzelf te kijken. Deelnemers hoeven het model niet te kennen, want ze lopen er vanzelf tegenaan.
Zo wordt het ingezet
Vijf voorbeelden uit de praktijk:
Een traineeprogramma in het onderwijs zet de simulatie in voor net afgestudeerde managementtrainees die besturen van onderwijsinstellingen gaan adviseren en ondersteunen. In het spel zitten ze zelf op de stoel waar hun adviezen normaal landen. Wat de organisatie terugziet: trainees overzien het speelveld van het management beter en passen hun advieswerk daarop aan, waardoor het beter landt bij wie ze ondersteunen.
Studenten hebben nog geen ervaring met het besturen van een organisatie en juist die ervaring heeft een docent nodig om theorie aan op te hangen. Daarom starten meerdere hogescholen een module of semester met de simulatie: eerst spelen, dan de theorie. De docent kan het hele blok teruggrijpen op wat studenten zelf hebben meegemaakt. Zo'n aftrap is compact: vaak een dagdeel, waarin teams bijvoorbeeld instappen in een lopende organisatie (jaar drie) en twee speeljaren doorlopen.
Het kan ook andersom: de simulatie loopt de hele module, het hele semester of het hele vak mee. Teams bouwen hun organisatie op vanaf jaar één en spelen door tot en met jaar vijf. Alles wat studenten in de les leren, passen ze meteen toe in hun eigen organisatie en wat er in het spel gebeurt, komt de les weer in.
Een adviesorganisatie speelt de simulatie met nieuwe medewerkers. Die gaan op de stoel zitten van het management dat zij normaal adviseren en ondersteunen. Het effect kwam terug via de klanten van de organisatie zelf: de adviezen van deze medewerkers houden breder rekening met de organisatie en sluiten er beter op aan.
Bij de start van een verandertraject of bij de introductie van het INK- of EFQM-model zorgt de simulatie ervoor dat iedereen dezelfde taal spreekt. Deelnemers ervaren samen hoe de aandachtsgebieden van een organisatie op elkaar ingrijpen, en bedoelen daarna hetzelfde als ze het over samenhang, sturen en verbeteren hebben. Serieus in de uitkomst, speels in de vorm.
Herken je dit?
Geef je les over organisaties en organiseren, of dat nu bedrijfskunde, management, bestuurskunde, HRM of een aanpalend vak is, dan zoek je waarschijnlijk iets wat studenten laat ervaren hoe een organisatie werkt. Iets waarin ze beslissen en zien wat het doet, in plaats van er alleen over te lezen.
Werk je als trainer of consultant, dan wil je je klanten organisatieontwikkeling laten voelen. Dat ze zelf sturen, fouten maken zonder gevolgen en leren van wat eruit komt.
En begeleid je leidinggevenden, dan zoek je een manier om hen even op de stoel van de directie te zetten. Schuiven met korte en lange termijn, en alle belangen tegelijk in de gaten houden.
Herken je jezelf hierin? Plan dan een demo. In vijftig minuten lopen we online samen een stuk van de simulatie door en zie je precies wat je deelnemers straks zien. Daarna weet je of het bij je past, zonder dat je iets hebt hoeven kopen.
Wat het je oplevert als facilitator
Van deelnemers naar teams
Een rekenvoorbeeld. Een dagsessie met vier teams koop je in voor € 400. Een sessie als deze factureer je al snel voor € 1.500 tot € 2.500. Houd je een team over, dan vervalt dat niet, want je zet het een volgende keer gewoon in. Zolang je minimaal één keer per jaar iets afneemt, blijven je credits geldig.
En facilitators blijven lang: wie de simulatie eenmaal in de vingers heeft, gebruikt hem jarenlang, meerdere keren per jaar.
Zelf faciliteren
Overtuigd na de demo en klaar om zelf aan de slag te gaan? Met het starterspakket leer je in één sessie alles wat je nodig hebt om zelfstandig te beginnen. Je krijgt er vier teams bij, een certificaat en persoonlijke begeleiding bij je eerste eigen inzet. Zelf faciliteren